Bietjes: gezondheid en kleur op je bord

Bietjes: ze zijn er in de zomer én in de winter en in allerlei kleuren: natuurlijk rood, maar ook geel, oranje, wit en roze gestreepte bietjes. Ik houd van de eenvoud en bescheidenheid die ze uitstralen.

Maar die bescheidenheid is onterecht. Ze brengen kleur op je bord, passen zich qua smaak aan vele andere groenten, kruiden en vruchten aan, zijn op heel veel verschillende manier te bereiden en, niet onbelangrijk, ontzettend gezond.

Historie

De voorouder van de biet, de strandbiet, groeide langs de kusten van Azië en Zuid-Europa. De Romeinen cultiveerden de biet en zorgden voor de verspreiding over Europa. In het kookboek ‘De Volmaakte Hollandsche Keukenmeid’(uit 1745!) wordt de biet al genoemd. ‘Roode Bietwortelen, hoe men die tot Salade zal toebereiden. Men kookt de Roode Bietwortelen, en dan schild men die en snyd ze in schyfjes en eet ze met andyvie of vette kost, is een zeer gezonde Salade‘.

Koken

Bietjes zijn in culinaire opzicht heel veelzijdig. Je kunt ze koken, roosteren, bakken, rauw verwerken en poffen. Als je met verschillende kleuren bietjes werkt, denk er dan wel altijd aan om ze gescheiden te bereiden: de kleuren kunnen uitlopen als ze in aanraking komen met vocht.

Van het voorjaar tot en met de herfst worden bietjes met hun loof er nog aan verkocht. Let er bij het kopen op dat het blad nog fris is. Je kunt het roerbakken in wat olijfolie, met een teentje knoflook, wat (Himalaya)zout en vers gemalen zwarte peper. Topgerecht!

Nu, in januari, eten we bietjes waar het loof al langere tijd vanaf is. Zo zijn ze lang houdbaar (zie ook tips voor bewaren bij ‘zelf kweken’ hieronder). In deze donkere maand, wil ik wel graag wat kleur op mijn bord. Als ’t buiten koud is, eet ik graag gerechten met specerijen, omdat dat je hele wezen verwarmt! Ik heb drie lekkere gerechten voor je bedacht met bietjes in de hoofdrol. Ze zijn alle drie ontzettend lekker, dus ik stel voor dat je ze gewoon allemaal uitprobeert:-)

Zelf kweken

Je kunt bieten in zon en halfschaduw kweken. De grond moet los zijn, zodat de wortels ruimte hebben om te groeien. Biet verarmt de bodem, dus zorg voor vruchtbare grond (potgrond met wat compost is prima). Zaai vanaf half mei in de volle grond. Als je vroeger zaait, kan de plant bloemstengels gaan vormen en worden de knollen hard en taai. Bovendien ontkiemt bietenzaad niet onder de 7,5°C.

Zaai in de volle grond, 2,5 cm diep, op 3 à 4 cm afstand van elkaar. Dun half juni uit tot 10 cm (voor grote bieten) of 5 cm (voor kleine bietjes). Oogst ze als ze zo groot zijn als een tennisbal. Als je van babybietjes houdt, oogst dan eerder – als ze zo groot zijn als een golfbal. Zaai de eerste week van juli nog eens voor een winteroogst.

Je kunt bietjes prima bewaren in de winter. Graaf ze halverwege de herfst uit, klop alle aarde weg en draai het blad eraf. Bewaar in jute zakken of in dozen met zand in een koele garage of schuur.

Bietjes kun je ook prima in potten kweken. Zet ze in een flinke pot op een afstand van 3 cm of in een cirkel, op 1 à 2 cm diepte. Wel dagelijks gieten in droge periodes.

Rassen

Zelf ben ik gecharmeerd van de Egyptische platronde, een vroeg ras en zoet van smaak. Chioggia uit Italië natuurlijk vanwege de prachtige gestreepte binnenkant. Heerlijke smaak en ook goed voor de vroege teelt. McGregor, een oude variëteit: langwerpig, donkerrood en diepglanzend eetbaar blad. Albino, een witte biet en lekker zoet. Burpee’s Golden, ronde oranje-gele biet met geel vruchtvlees.

Bron: Greendelicious, Koken met je eigen oogst (mijn 1e moestuin-kookboek). Nieuw niet meer te verkrijgen, maar misschien heb je geluk en vind je nog een exemplaar in ons winkeltje…klik hier!

Plaats een reactie